Vraag 02 |
||
|---|---|---|
|
Door: Ad Mooldijk
|
Datum:
Woensdag
15
april
2026,
13:41 uur
Plaats hier uw vragen, opmerkingen of overdenkingen. |
||
Antwoord: |
||
|---|---|---|
|
Door: Luc Bonten
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
09:32 uur
(Bewerkt op: 20-05-2026 09:34)
Veel leerlingen antwoorden: ClO- is hydrofiel/polair (en niet "heeft een (negatieve) lading). Twijfel of dit goed genoeg is. Wat is jullie mening? |
||
|
Door: Jeroen van Leeuwen
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
09:54 uur
(Bewerkt op: 22-05-2026 10:37)
In het antwoordmodel staat; 'voorbeeld van'; en 1e bol 'relevante eigenschap van fosfolipide'. Dus als ze in essentie antwoorden dat celmembraan aan de binnenzijde hydrofoob is en het ClO- deeltje hydrofiel en dat dit deeltje daarom de celmembraan niet kan passeren zou mijns inziens volledig goed antwoord zijn. |
||
|
Door: Inge Roos
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
10:16 uur
Eens met Jeroen. Zo beoordeel ik de resultaten in ieder geval wel. |
||
|
Door: Krijgsman
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
14:10 uur
@jeroen van leeuwen, je bedoelt ClO- ipv HClO-, denk ik?
|
||
|
Door: Krijgsman
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
14:12 uur
Ik heb een leerling die het volgende zegt: ' ionen kunnen het celmembraan alleen passeren via speciale ionpoorten. In fig 1 is geen ionpoort te zien, dus kan het ClO- ion met membraan niet passeren'. Biochemisch gezien correct, toch? In de vraag wordt ook niet specifiek verwezen naar een bepaalde eigenschap zoals staat in het CV. 2pt dan? |
||
|
Door: Ludden
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
14:17 uur
@Krijgsman: de leerling moet uitleggen waarom de ionen niet door het celmembraan kunnen. m.i. geeft jouw leerling vooral aan waar ionen wel door kunnen en geeft niet aan waarom ze niet door het membraan kunnen. Wat mij betreft geen punten. |
||
|
Door: Cheyenne Feijen
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
16:37 uur
Ik heb een aantal leerlingen die hebben berekend dat de binding tussen Cl en O apolair is (3,5 en 3,2, dus 0,3 en apolair). En dat hierdoor het wordt tegengehouden door de polaire kop. |
||
|
Door: Gertien Smits
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
16:43 uur
(Bewerkt op: 20-05-2026 16:44)
@Luc, ik zou zeggen van wel. @Cheyenne, ik kom dat ook tegen. Het is natuurlijk fout. De vraag is: is hydrofiele kop in dit geval een relevante eigenschap? Ik heb het tot nu toe niet goed gerekend. |
||
|
Door: Jukes
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
18:15 uur
(Bewerkt op: 20-05-2026 18:29)
@Cheyenne @Gertien Ik zou hier wel een punt voor geven. De voorbeeldantwoorden geven m.i. aan dat iedere redenering waaruit blijkt dat polair en apolair elkaar afstoten, gelijke ladingen elkaar afstoten of tegengestelde ladingen elkaar aantrekken goed mag worden gerekend. Als een leerling (ten onrechte) tot de conclusie komt dat ClO- apolair is en vervolgens concludeert dat dit deeltje wordt afgestoten door de polaire koppen van de fosfolipiden, dan is dat volgens mij in lijn met de voorbeeldantwoorden en mag het 1e punt worden toegekend, omdat (binnen deze redenering) het polaire karakter van de koppen relevant is. Ook bij een gedachtengang als "Omdat ClO- apolair is bindt het aan de apolaire staarten van de fosfolipiden en passeert daarom het celmembraan niet" zou ik het 1e punt toekennen. En als het antwoord is omgedraaid (bijv. "ClO- is apolair, de koppen van de fosfolipiden zijn polair, dus die stoten elkaar af") zou ik nog wel het 2e punt toekennen, omdat de verklaring in lijn is met de voorbeeldantwoorden. (Aangepast omdat ik in eerste instantie verwees naar het verkeerde bolletje.) |
||
|
Door: Wilke
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
20:35 uur
Ik heb hier enige moeite mee, omdat een leerling die antwoord dat "er een polaire kop is" volgens het cv geen specifiek genoege eigenschap benoemt. Om hier alleen punten voor te geven gekoppeld aan de (verkeerde) redenatie dat ClO- apolair is vind ik vreemd. In dat geval zou de opmerking "polaire kop" altijd bol 1 moeten scoren. Dat is toch niet zo? |
||