Vraag 11 |
||
|---|---|---|
|
Door: Ad Mooldijk
|
Datum:
Woensdag
15
april
2026,
14:17 uur
Plaats hier uw vragen, opmerkingen of overdenkingen. |
||
Antwoord: |
||
|---|---|---|
|
Door: Jeroen van Leeuwen
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
10:24 uur
De vorming van estergroepen tussen cellulose en citroenzuur is natuurlijk het meest voor de hand liggend, maar.... Omdat citroenzuur ook één OH groep heeft en 2 OH groepen middels een condensatiereactie een ethergroep op kunnen leveren zou mijns inziens in het antwoordmodel bij de 1e en 2e bol moeten staan: 1e bol: estergroepen en/of ethergroepen' 2e bol: inzicht dat een molecuul citroenzuur meerdere carbonzuur en/of alcoholgroepen bevat |
||
|
Door: Arjan van Ginneken
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
10:57 uur
(Bewerkt op: 20-05-2026 11:00)
Kun je in datzelfde kader zuuranhydriden ook goed rekenen? Niet dat ik dat heb gezien, overigens. Ik moet overigens eerlijk bekennen dat ik die 3 zuurgroepen wel in de gaten had, maar de OH-groepen op cellulose was vergeten. Dan kom je tot de conclusie dat er geen crosslinks gevormd kunnen worden omdat citroenzuur maar 1 OH-groep heeft. 2p weg ;) |
||
|
Door: Mike Balmer
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
12:17 uur
Arjan, dat is precies wat ik ook zelf dacht, vooral vanwege de tekst dat boven de vraag dat de COO- eerst wordt geneutraliseerd waardoor COOH groep ontstaat. En dan inderdaad met 1 OH groep op citroenzuur. Naar mijn mening kun je dan bolletje 3 consequent wel scoren. |
||
|
Door: Vincent Osinga
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
12:21 uur
Ik heb een leerling die inderdaad op het zuuranhydride terecht komt, maar dan vervolgens nog zegt dat het esterbinding is. |
||
|
Door: Schaareman
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
14:02 uur
(Bewerkt op: 20-05-2026 14:05)
Ik heb best wel wat moeite met deze vraag. Leerlingen worden eerst best wel geleid richting juist de zuurgroep in CMC. De tekst gaat erover, dan komt er ook nog dat stukje dat de COO- groepen worden geneutraliseerd en dan moet je "opeens" met de OH-groepen van CMC gaan redeneren.... Zeer onfraai.... Bovendien: a) er kunnen nog twee andere condensatiereacties optreden. Er kan een ether ontstaan (zoals in eerder commentaar ook al aangegeven) als er twee hydroxy-groepen met elkaar gaan reageren (dat kan dan maar 1x in citroenzuur overigens dus consequent: geen crosslinks) en b) Er kunnen anhydriden ontstaan. Dit staat niet in de syllabus maar hoe vaak geeft een leerling bv. bij de verestering van melkzuur niet dat antwoord waardoor het echt wel ter sprake komt. De context zegt NIETS over het SOORT condensatiereactie. Etherbinding is een bekend (verondersteld) begrip en kan dus op basis van de notoire regel 3.3 goedgekeurd worden mijns inziens, evenals anhydride overigens, wat minder waarschijnlijk is omdat leerlingen het niet hoeven te leren (maar ze zouden het wel kunnen kennen). De mogelijkheid tot crosslinks hangt heel erg af van de juiste interpretatie van wat voor SOORT condensatie er genomen gaat worden. Hoe moeten leerlingen dit weten, zeker gezien de manier waarop ze in de tekst (om de tuin) worden geleid? Er waren zo veel andere manieren mogelijk om deze op zich leuke context beter te stellen. Deze vraag vraagt minstens om een aanvulling maar eigenlijk moet deze vraag mijns inziens geschrapt worden (dwz; iedereen alle punten..)
|
||
|
Door: Gertien Smits
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
14:21 uur
Ook ik heb hier enorm zitten jongleren met mijn voorstellingsvermogen. Een klein deel van de -OH groepen reageert tot OCH2COO–-groepen, en die worden geneurtraliseerd, dus de leerling moet bedenken dat dat dan een zuurgroep wordt. Vervolgens, 1 vraag en een structuurformule verder, moet de leerling bedenken dat de bedoelde condensatiereactie gaat over de zuurgroepen van de citroenzuur ipv die aan de cellulose die ze net met moeite beredeneerd hebben, en de -OH groepen van de cellulose van een vorige bladzij. Terwijl meerdere condensatiereacties mogelijk zijn. De redenering over vertakking en netwerk komt bij mij bij de leerlingen die het bedacht hebben OF doordat ze de zuurgroepen aan de cellulose hebben laten reageren met de -OH van de citroenzuur, en dan klopt het niet, of omdat ze een anhydride bedacht hebben en dat een ester hebben genoemd, maar dan wel tot vertakking kwamen. |
||
|
Door: Jeroen van Leeuwen
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
14:55 uur
(Bewerkt op: 20-05-2026 14:57)
Een netwerk structuur is alleen niet mogelijk indien uitsluitend OH groepen van cellulose én van citroenzuur gebruikt worden. Citroenzuur heeft in deze context dan maar 1 functionele groep, maar het kan heel goed mogelijk zijn dat er zowel ether bindingen als ester bindingen (en ook nog anhydride bindingen) ontstaan waarbij dan in alle gevallen een netwerk kan ontstaan omdat citroenzuur meerdere functionele groepen bevat (en cellulose ook!).
Ik heb hier overigens ook een melding van gemaakt bij examenloket. Antwoord zal ik posten. |
||
|
Door: Jeroen van Leeuwen
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
15:51 uur
Het antwoord van de examenlijn m.b.t. de verschillende soorten karakteristieke groepen die gevormd kunnen worden verwijst ons eigenlijk naar regel 3.3! : 'Je vraagt of bol 1 en 2 ook gescoord kunnen worden bij het benoemen van ethergroepen. Helaas mogen wij geen uitspraken doen over individuele leerling antwoorden. Daarmee zouden we op de stoel van corrector gaan zitten en dat is niet de bedoeling. Het is aan de corrector om vanuit eigen professionaliteit te bepalen of bij het gegeven antwoordalgemene regel 3.3 kan worden toegepast. Waarbij chemisch correcte antwoorden mogen worden beoordeeld in de geest van het CV. Over de toepassing van deze regel is een artikel opgenomen op examenblad. Je vindt het onder 'aanvullende informatie', 'alternatieve antwoorden in het ce'. In overleg met de tweede corrector kun je besluiten nemen die erop gericht zijn om niet te rekkelijk of te precies na te kijken. Op de website over deExamenlijn (Examenlijn | 2026 | Examenblad.nl) kan er gelezen worden over wat te doen bij twijfel. ' |
||
|
Door: Gertien Smits
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
16:21 uur
(Bewerkt op: 21-05-2026 11:57)
En de slimmerd die met Binas in de hand opmerkt dat cellulose al een netwerkpolymeer is? EDIT: die slimmerd heeft verkeerd gekeken, net als ik... Verder heb ik mensen die niet citroenzuur meenemen, maar de verschillende -OH groepen op de cellulose met elkaar laten reageren. In de tekst staay wel dat CMC wordt gemengd met citroenzuur, maar niet dat de condensatiereacties ook met citroenzuur zijn. |
||
|
Door: Gertien Smits
|
Datum:
Woensdag
20
mei
2026,
16:36 uur
en nog 1: geef aan welke karaktersitieke groepen gevormd worden bij deze reacties. De reacties die genoemd worden zijn neutralisatie met zure oplossing en condensatiereacties. Een leerling zet dus netjes "carbonzuren, esters" neer. |
||