Vraag 02

Vraag 02

Door: Ad Mooldijk | Datum: Woensdag 15 april 2026, 10:33 uur

Plaats hier uw vragen, opmerkingen of overdenkingen.

Antwoord:

Door: Bart van de Laar | Datum: Maandag 11 mei 2026, 19:11 uur (Bewerkt op: 11-05-2026 19:15)

  • Ik mis een marge voor de bepaling van de lengte van de balk in het plaatje.
  • Is een schatting van de marge uit het plaatje ook goed, bijvoorbeeld aan de hand van de grootte van een markeringsblokje op de balk? Komt soms goed uit en is ook een onderbouwde schatting

 

Door: Garmt de Vries-Uiterweerd | Datum: Maandag 11 mei 2026, 22:31 uur

"Er zitten twaalf blokjes op de meetlat, dus 1/12 van 91 cm = 7,6 cm per blokje. De markering is ongeveer zo groot als één blokje. Geschatte nauwkeurigheid is de helft van deze afmeting, dus 4 cm."

Zo ontloop je de schatting van de nauwkeurigheid in mm op de foto, maar het komt wel goed uit. 

Door: Reeuwerd Straatman | Datum: Dinsdag 12 mei 2026, 00:50 uur

De eerste deelscore laat weinig ruimte voor andere manieren van het bepalen van een legitieme schatting. Zoals o.a. door jullie genoemd.

De keuze voor de grootte van de diameter of de straal van de markering gebruiken, lijkt me ook vrij legitiem. Zo kwam ik zelf om 3 cm, wat omgerekend binnen de marge van de 0,5 en 2 cm uit de eerste deelscore valt.

Zo zijn er meer vragen waar de deelscores weinig ruimte bieden voor andere, natuurkundig juiste aanpak (bijv. vraag 4)

Door: van Helden | Datum: Dinsdag 12 mei 2026, 10:41 uur

Zou fijn zijn als in de bespreking een opmerking gemaakt wordt over wat te doen met leerlingen die impliciet een meetnauwkeurigheid van 1cm gebruiken. Oftewel alleen de schaal bepalen. 0 pt of 1 pt, ik vind voor allebei wat te zeggen, maar het is fijn als hier op 1 manier gecorrigeerd wordt.  

Komt ongeveer neer op dit als antwoord:
0,91/4,5 = 0,2 m per cm

Door: Pruim | Datum: Dinsdag 12 mei 2026, 11:26 uur

'k zal dit punt naar voren brengen in de landelijke vergadering:.. over wat te doen met leerlingen die impliciet een meetnauwkeurigheid van 1cm gebruiken (en dus alleen de schaal uitrekenen)

Door: Wouter Vernhout | Datum: Dinsdag 12 mei 2026, 11:34 uur (Bewerkt op: 12-05-2026 11:35)

Ik vind de vraagstelling erg brak. Er is wat voor te zeggen om de het afstandsverschil tussen de linkerrand en de rechterrand van de markering als meetnauwkeurigheid te nemen (zo'n 3 mm). En er is wat voor te zeggen om de minimale nauwkeurigheid van een liniaal te nemen (0,5 mm (met goede ogen) tot 1,0 mm). En is er wel sprake van een schatting als je de afstanden gewoon zo kunt opmeten? 

Verder had een extra derde punt voor het bepalen van de schaal hier niet misstaan. Veel leerlingen berekenen de schaal keurig, maar lopen zichzelf vervolgens vast in de vraagstelling.

Door: Hans Kramer | Datum: Dinsdag 12 mei 2026, 16:34 uur (Bewerkt op: 12-05-2026 16:46)

@van Helden: Ik geef 1 punt als ze impliciet 1 cm nemen door de schaal uit te rekenen en daarmee op 20 cm nauwkeurig uitkomen. De berekening van de schaal moet lijkt mij wel aangevuld worden met de conclusie dat de nauwkeurigheid dan 20 cm is. 1e bol niet maar 2e bol wel.

Door: Anita Driessen | Datum: Woensdag 13 mei 2026, 09:25 uur (Bewerkt op: 13-05-2026 09:40)

Eigenlijk is de vraag vrij eenvoudig toch, maar eerlijk gezegd onduidelijk geformuleerd....? Met welke nauwkeurigheid kan er opgemeten worden in het beeldje (dus op 0,5-2 mm nauwkeurig volgens het CV) en hoe verhoudt deze afstand zich dan met de schaal tot die in het echt? Dan zou je bij een meetnauwkeurigheid van 0,5 mm op een echte afstand van 1 cm uitkomen en bij een meetnauwkeurigheid van 2 mm op een echte afstand van 4 cm. Dan is dit de marge in het eindantwoord toch?

Eigenlijk zou een leerling als deze iets in het beeldje heeft opgemeten (de balk of de markering bijvoorbeeld) op 0,1 cm nauwkeurig (dus de balk als 4,5 cm of de markering als 0,4 cm) dus al voldoen aan bol 1, want daarmee wordt de meetnauwkeurigheid dus 0,1 cm (onbewust doen ze dit dan goed) en zou bol 1 mogen worden toegekend toch? Voor bol 2 moet dan de schaal worden toegepast op deze meetnauwkeurigheid lijkt mij. Denk ik nu in de juiste richting?

Door: Arjan van Leeuwen | Datum: Woensdag 13 mei 2026, 10:52 uur

Het is opvallend dat bij de landelijke vergadering notulen voor vraag 8 de onnauwkeurigheid naar links en rechts opgeteld wel goedgekeurd wordt (1 Ohm) en je volgens het C.V. hier geen 3 mm mag nemen.

Door: Arjan van Galen | Datum: Donderdag 14 mei 2026, 09:13 uur (Bewerkt op: 14-05-2026 09:45)

Wat vinden jullie van de denkwijze van Anita? Dat pakt wel gunstig uit voor veel leerlingen

Veel leerlingen meten wel iets op in de tekening en geven dit weer met 2 signicante cijfers (bijvoorbeeld balk is 4,5 cm ). 

Als dit voldoende is voor bol 1 (significantie van het opgeschreven cijfer geeft aan dat dit een meetnauwkeurigheid van 0,5 mm heeft), dan krijgen aardig wat leerlingen van mij er een puntje bij. Geven jullie dat punt (ook?)