Voorwoord: Groei

Jan Jaap Wietsma

Het voorwoord van NVON-voorzitter Jan Jaap Wietsma: Groei

Vorige Volgende

De herfsttijd is een periode van oogsten, weemoed naar de mooie zomer, afscheid nemen, verkleuren. Op school is het nieuwe er een beetje af. Van steeds meer leerlingen zitten de namen in je geheugen. De eerste cijfers van het seizoen zijn gegeven. Het onderwijs draait op volle toeren.
Ik heb iets met bomen, in het bijzonder met eiken. Nederlands hardhout, traag groeiend en met een onwaarschijnlijk uithoudingsvermogen. Het voorjaar begon met allerlei treurnis voor de eik. Kaalgevreten worden door rupsen, die vervolgens de wereld onveilig maken met jeukende haartjes. Met als gevolg dat er geroepen wordt dat er in ons land maar wat minder eiken moeten komen. En wanneer die bomen al honderd jaar langs de weg staan moeten ze gekapt worden omdat je er met een auto tegenaan kunt botsen.
De eik groeit langzaam en is ‘tot de tanden’ gewapend tegen vraat en andere aantasting. De bast bevat looizuur, dat al eeuwenlang in gebruik is bij het maken van leer. Tegen het eind van de herfst zie je de robuuste stammen en takken weer mooi in silhouet aftekenen. Een goede verdediging heeft ook z’n nadelen, want het eikenblad op de bodem verteert maar heel langzaam. Daartussen liggen de eikels als speelgoed voor kinderen en voer voor wilde zwijnen en Vlaamse gaaien. Slechts een beperkt aantal zal ontkiemen en de kenmerkende eikenblaadjes in de lucht steken. In alle stilte groeit zo’n kiem uit tot een indrukwekkende boom, als de omgeving dat mogelijk maakt.
Hoe belangrijk is de plek waar je ontkiemt. Een eik heeft geen pootjes. De plek waar je ontkiemt is, zonder menselijk ingrijpen, de plek waar je misschien honderden jaren leeft. Met om je heen alles wat je nodig hebt én wat je bedreigt.
Vluchten kan niet, dus is verdedigen en voorbereid zijn op gevaren het beste. Wat heb je dan een geluk wanneer je als eik midden op een prachtig heideveld staat, daar groot en oud kunt worden en van betekenis bent voor mens en dier.
Een eik kan lang mee doordat hij goed reageert op verandering in de omgeving en telkens blijft groeien. Laten we zorgen dat deze combinatie van robuust en flexibel zijn ook voor ons onderwijs geldt. Natuurwetenschappen en technologie zijn ook voortdurend in beweging. Nieuwe kennis, nieuwe aanpak, nieuwe vraagstukken: het vraagt verandering van iedereen die onderwijs verzorgt. Elke dag weer een dag ervaring opdoen. En elke dag bezig er de volgende dag nog te zijn.
In een bos schieten de jonge boompjesop wanneer een grote boom na lange tijd sneuvelt. Hopelijk komen er genoeg open plekken in het NVON-bos om ook de jonge aanwas te laten uitgroeien. Andersom: hopelijk willen jongere mensen de openvallende plekken innemen, zodat de NVON een krachtige organisatie blijft die reageert op verandering en zijn plek in de
onderwijswereld kan blijven innemen. 

Jan Jaap Wietsma
Voorzitter NVON

Reacties kunt u sturen aan j.j.wietsma@nvon.nl

451_NVOX19_TDS_NR-9.pdf
NVOX

NVOX 2019 • nummer 9 • bladzijde 451