Proef 3.1b. Massa’s meten met een balans

12 juni

Proef bij het proevenboek, waarbij gekeken wordt hoe je massa meet.

Proef 3.1b. Massa’s meten met een balans

Demonstratieproef bij Natuurkunde voor Nu en Straks 1m (cd), par. 3.1 Massa.

Voor deze proef zijn nodig:

Uit de lestrolley:

  • De balans
  • Massa-set op drager 250 gram; de leskist bevat 2 van deze sets (totaal 1 kg)
  • Aanvullende standaard massa’s van 2g (10-cent munt) en 0,5g (één paperclip)

En verder: enkele voorwerpen met een onbekende massa.

Stel de balans samen zoals op de foto.

Doel van de proef: de leerlingen weten hoe ze massa kunnen bepalen met een balans

Uitvoering: Laat zien uit welke standaard-massa’s de massa-set bestaat: stukken van 5g (2), 10g, 20g (9), 50g (de drager). Vul dat aan met twee 10-cent munten (2g) en twee paperclips (0,5g).

Doe het voorwerp met onbekende massa op de ene schaal en zet een te grote standaard massa op de andere schaal. Verminder nu de standaardmassa, tot de balans (ongeveer) in evenwicht is. Lees dan de totale waarde van de standaardmassa’s af: de massa van het gemeten voorwerp. Laat nu enkele leerlingen voor de klas de massa bepalen van een voorwerp naar eigen keuze (bijvoorbeeld hun pen, horloge of mobiele telefoon). Maximaal 1 kg!

Leswerk